• blad nr 19
  • 30-11-2013
  • auteur R. Voorwinden 
  • Fit voor de klas

Betere leerprestaties? 

Zet open die ramen!

Basisscholen kunnen dit schooljaar een gratis CO2-meter krijgen van de overheid. En dat is vaak wel nodig ook, want de ventilatie is op veel scholen onder de maat. “Van vieze lucht word je suf.”

“Als een docent een nieuw lokaal binnenkomt, kijkt hij meteen hoe hij daar het beste kan lesgeven. Ik kijk meteen hoe je dat lokaal het beste kunt ventileren.” En zo heeft ieder zijn vak, wil Ard van Pelt, milieu- en gezondheidskundige van de Drentse GGD, maar zeggen.
Van Pelt vindt het niet verwonderlijk dat leraren niet direct aan ventilatie denken: ze hebben wel iets anders te doen. Maar jammer is het wel. Want veel scholen zijn slecht geventileerd en de lucht is er smerig. Bij ruim honderdvijftig van de tweehonderd scholen die Van Pelt en zijn collega’s de afgelopen jaren bezochten, sloegen de CO2-meters in het rood.
En Drenthe is geen uitzondering. In basisscholen door het hele land is het slecht gesteld met de ventilatie. Daarom kunnen basisscholen die nog geen CO2-meter hebben (er zijn er de afgelopen jaren al veel uitgedeeld) volgend jaar zo’n gratis meter krijgen van minister Edith Schippers van Volksgezondheid. Nou ja, niet persoonlijk natuurlijk, de meters worden verspreid door de GGD’s.
De Drentse GGD heeft de afgelopen jaren een zogenoemde stoplichtmeter ingezet: bij een goede CO2-waarde brandt het groene licht, als de waarde stijgt gaan het oranje en ten slotte het rode licht branden. De meter is groen bij 800 ppm (parts per million) CO2, vertelt Van Pelt. Maar die ideale waarde wordt in de praktijk nauwelijks gehaald. Ook de papieren grenzen van 950 ppm (de eis voor nieuwe scholen, volgens het Bouwbesluit) en 1200 ppm (Gezondheidsraad) sneuvelen dagelijks. Waarden van 1500 tot 2500 ppm zijn op basisscholen heel gewoon.
En hoe erg is dat? Het goede nieuws is dat die hoge waarden nog lang geen schade opleveren voor de gezondheid. Maar mensen worden bij deze CO2-waarden wel suf en minder geconcentreerd. En dat gaat duidelijk ten koste van het leervermogen, zo leert onderzoek van TNO (zie kader op pagina ..).
Nou ligt de sufheid, om het ingewikkeld te maken, niet alleen aan de CO2, vertelt Froukje van Dijken. Zij is adviseur bij BBA Binnenmilieu, een ingenieursbureau dat veel scholen in zijn klantenbestand heeft. “Mensen ademen CO2 uit, maar verspreiden ook vocht, zweet en huidschilfers - mensen zijn eigenlijk best vies. En van die hele cocktail word je suf. Maar goed, CO2 is een goede indicator: de CO2 loopt in de pas met de andere stoffen die we als mensen uitstoten, en is makkelijk te meten.” En op 80 procent van de scholen is die CO2-waarde - en dus de waarde van de hele cocktail - volgens Van Dijken te hoog.

Ventileren
De simpelste oplossing tegen te hoge concentraties van ongewenste stoffen is natuurlijk ventileren. Een paar raampjes open, en klaar ben je. Tenminste, in traditionele, hoge schoollokalen met van die hoge tuimelramen. “De lucht komt hoog binnen, zakt dan langzaam naar de grond en wordt ondertussen opgewarmd. Ideaal”, zegt Van Pelt van de Drentse GGD. En het is helemaal mooi als de lucht aan de andere kant van het lokaal weer via een hoog raam naar buiten kan, zo ontstaat er een rustige, gelijkmatige luchtstroom.
Helaas zijn de lokalen in veel moderne scholen niet zo hoog. En in de winter, als de behoefte aan ventilatie het grootst is, komt door die lage ramen de kou rechtstreeks naar binnen. “En dan blijven ze dus dicht”, zegt Van Pelt. “Aan ramen die lager zitten dan 1 meter 80, heb je in de winter niets.”
Een alternatief is om dan maar in de pauze alle ramen wijd open te gooien. “Even de CO2 spuien”, noemt Van Pelt dat. En dan staat de meter na de pauze vaak weer in het groen. En ja, dan wordt het wel even wat kouder in het lokaal, maar goed: iedereen produceert zo’n honderd watt aan warmte per uur, rekent Van Pelt voor. Dus in een klas van dertig leerlingen brandt er altijd een denkbeeldige straalkachel van drieduizend watt. “Dus dat lokaal is zo weer op temperatuur.”
Bij grofweg de helft van alle scholen is natuurlijke ventilatie niet voldoende om de CO2-waarden langdurig in het groen te krijgen, merkt Van Pelt in de praktijk. In die scholen zijn technische aanpassingen nodig. Daarbij wil nog wel eens iets mis gaan, en het is bovenal duur. Van Pelt: “En dan wordt het een beetje stil, in deze tijd van crisis.”

Piepen
De Montessorischool Emmen kon het CO2-gehalte gelukkig zonder dure aanpassingen naar beneden krijgen, vertelt directeur Janet Bouwmeester. “Als het pauze is, zetten we alle ramen en deuren even wijd open. En dan zie je dat de meter na de pauze weer in het groen staat. Dat is echt leuk om te zien – de leerlingen vinden het ook interessant.”
Of de leerlingen mooiere resultaten halen nu er beter geventileerd wordt, vindt Bouwmeester moeilijk te zeggen. “Maar veel kinderen hebben tegenwoordig astmatische klachten, en daar hoor ik van collega-schoolleiders wel eens dramatische verhalen over. Bij ons hebben we daar gelukkig geen last van - wie weet komt dat door al die ventilatie.”
Ook op de Jan Thiesschool in Rolde heeft de CO2-meter geleid tot inzicht en gedragsverandering, zegt directeur Henk Norbart. “We hebben vier ouderwetse lokalen, met hoge ramen aan twee kanten. Daar kun je de hele dag ventileren, niks mis mee.”
Maar dertien lokalen die later zijn bijgebouwd, hebben ramen op zithoogte van de kinderen. “Als de wind er op staat of als het regent, kun je die echt niet open doen. Die lokalen luchten we nu in de pauze.” En in elk lokaal hangt nog steeds een CO2-meter, net als in de personeelskamer. “Als we daar met twintig man zitten en we doen de deur dicht, begint die meter al snel te piepen.”
Ook op de Jan Thiesschool is het moeilijk te zeggen of de toegenomen ventilatie de leerprestaties ten goede komt. Norbart: “Ik merk zelf in elk geval wel resultaat. Als er een raam open staat voel ik me frisser en ben ik ook actiever.”
Basisscholen die nog geen CO2-meter hebben, kunnen er dit najaar een aanvragen. Froukje van Dijken van BBA Binnenmilieu is eigenlijk verbaasd dat het nog nodig is. “Veel GGD’s in het hele land hebben de afgelopen jaren bezoeken afgelegd, en er is drie jaar geleden ook al een subsidieronde geweest om de ventilatie van schoollokalen te verbeteren. Maar goed, als je ziet dat de ventilatie op veel scholen nog steeds onder de maat is, is er nog wel een wereld te winnen.”

{noot}
Nog geen CO2-meter op school? Vraag begin 2014 een gratis meter aan bij de GGD: www.ggd.nl

{kader 1}
‘De school was zo muf als een onderzeeër’

Als natuurlijke ventilatie niet helpt, kan mechanische ventilatie worden aangelegd. Bij nieuwe scholen gebeurt dat vaak al standaard. Maar soms beginnen de problemen daarmee pas echt.

“Ik kwam eens bij een gloednieuwe school – het gebouw was pas vorig jaar opgeleverd. Maar ze hadden daar al een jaar last van een muffe lucht.” Dus ging Froukje van Dijken, adviseur van het bedrijf BBA Binnenmilieu, op onderzoek uit. Wat bleek: de ventilatie werkte helemaal niet. “Het storingslampje knipperde. Maar dat lampje bevond zich in een kast, en om bij die kast te komen moest je het dak op.” Dat had natuurlijk niemand gedaan. “De CO2-waarde in die school zat tussen de 4000 en 5000. Dat zijn waarden die je normaal alleen in onderzeeërs vindt.”
Het zal niet de eerste keer zijn dat Van Dijken op een school komt waar het ventilatiesysteem compleet vervuild is. “Bijvoorbeeld omdat de school er niet van op de hoogte is dat de filters – die trouwens best duur zijn - twee keer per jaar moeten worden vervangen. Of doordat docenten naast de luchtinlaat staan te roken.”
Scholen kiezen ook vaak voor te lichte ventilatie, merkt Ard van Pelt, milieu- en gezondheidskundige van de GGD Drenthe. “Mechanische ventilatie maakt geluid. Een lichte ventilatie op vol vermogen maakt veel meer herrie dan een zware installatie op half vermogen. Scholen kiezen vaak een lichte installatie, omdat die goedkoper is, maar zetten die dan uit omdat ze het geruis zat zijn.”

{kader 2}
‘Ventilatie is het verschil tussen een 6,5 en een 8’

Hoeveel invloed heeft een te hoog CO2-gehalte op de leerprestaties van kinderen? Veel, zo blijkt uit onderzoek van TNO (Wil de Gids, 2006). Er werd bijgehouden hoeveel reken- en taalfouten leerlingen in groep 8 maakten bij voldoende en onvoldoende ventilatie. Wat bleek? Als de CO2-waarde opliep, steeg het aantal taalfouten van 5,32 tot 5,64 en het aantal rekenfouten van 1,98 tot 2,44. ‘Dit kan het verschil uitmaken tussen eindcijfer 6,5 en een 8’, stellen de onderzoekers.
Ook uit Deens onderzoek, bij rekenen, blijkt dat leerlingen duidelijk lager scoren in een lokaal waar slecht wordt geventileerd.

Dit bericht delen:

© 2020 Onderwijsblad. Alle rechten voorbehouden
Het auteursrecht op de artikelen in dit archief berust bij het Onderwijsblad, columnisten of freelance-medewerkers. Het citeren van delen van artikelen is toegestaan, mits met bronvermelding. Volledige overname, herplaatsing of opname in andere publicaties is slechts toegestaan na overleg met de hoofdredacteur via onderwijsblad@aob.nl Indien het gaat om artikelen van freelancers zal hiervoor een bedrag in rekening worden gebracht.